Instituut Voor Interventiekunde

Teamontwikkeling in een vrijwilligersorganisatie

Het bestuur van een vrijwilligersorganisatie vraagt hulp bij het verbeteren van de samenwerking in een klein team van drie mensen dat de activiteiten en de vrijwilligers stuurt. De spanningen tussen hen zijn zodanig opgelopen dat zij er zelf niet meer uitkomen en een van hen zelfs erover nadenkt op te stappen.

De recent van buiten aangetreden directeur heeft een achtergrond als manager in een nogal hiërarchische gestuurde organisatie, een ‘Amerikaanse cultuur’. De beide collega’s zijn al jaren verbonden aan de vrijwilligersorganisatie. Een van hen heeft om persoonlijke redenen ervan afgezien te solliciteren op de directeursfunctie. Zij werken alle drie in deeltijd.

Na een eerste gesprek met de bestuurder en de directeur volgt een tweede gesprek met het team: de directeur en de twee medewerkers. Vooralsnog alleen om heldere afspraken te maken over de aanpak en de verwachtingen. Daarna leveren drie individuele gesprekken met de teamleden veel informatie op over wat er aan de hand is: incidenten, interpretaties daarvan, onuitgesproken aannames en oordelen. En onduidelijke werkafspraken.

Op grond van deze informatie gaan de drie teamleden met elkaar in gesprek over hoe de situatie is ontstaan en wat ieders rol daarin was en is. En vooral over hoe ze daarover communiceren.

Daarmee is een hoop kou uit de lucht en is er meer begrip voor ieders perspectief op de situatie. En welke gevoelens daarbij voor ieder een rol spelen.

In een volgend gesprek maken zij afspraken over ieders verantwoordelijkheid en bijdrage en een duidelijke werkverdeling. En onderlinge samenwerking komt standaard op de agenda van het teamoverleg.